Ons schuurtje  ligt vol met “dingetjes die ik ooit nog kan gebruiken”. Natuurlijk hebben we een recyclehoekje voor papier, plastic en glaswerk, en meer praktische zaken.

 Maar het overgrote deel is toch gevuld met mijn gewoonte om niets weg te gooien. Alles wat nog ooit waarde kan hebben heeft een plekje. Vroeger zei ik dan dat ik precies wist waar ik iets kon vinden, maar die tijd hebben we gehad. Mijn geheugen is tanende en het is vaker geluk dan wijsheid als ik echt iets wil vinden. En toch is mij dit waardevol en houd ik stand tegen de opruimaanvallen van Anne. Alsof er nog een laatst bolwerk beschermd moet en kan worden.

Is dit erg? Nee, eigenlik niet. Ik vermoed zelfs dat Anne het eigenlijk nog wel leuk vind dat ik ook een tic heb. Heeft er iemand last van? Nee.

En hoe zit het dan emotioneel? Houd ik daar ook vast? Ja, eigenlijk is de lijn wel door te trekken. Het is niet mijn gewoonte om snel op te ruimen. Soms duurt het weken voordat ik weer eens intens huil en op die manier opruiming houd in mijn innerlijk schuurtje.

Ik ga er vanuit dat dit ontstaan is in mijn vroege jeugd. Het was niet zo gangbaar om je emoties de vrije loop te laten. Dus hield ik het vast, om het ’s nachts in ontspannen toestand te laten stromen. Bedplassen dus…. Tot mijn 12e heb ik dit gedaan. Pas toen ik naar de Mavo ging ben ik ermee gestopt. Blijkbaar was ik toen zo goed in het vasthouden dat het ook ‘s nachts lukte.

Als 12 jarige kwam er natuurlijk veel op me af op school. Een nieuwe wereld, vriendjes, meisjes waar ik oogluikend naar keek. Mijn jas stiekem naast haar jas hangen in de garderobe. En later als 15-jarige was er Margrietje, een meisje waar ik zo verliefd op was dat het zo zeer deed toen het stopte. Ook dit zeer heb ik mooi weggestopt in mijn innerlijk. Alleen bij het liedje: “ach Margrietje de rozen zullen bloeien”, voel ik nog altijd een weemoed.

En ook in mijn innerlijk schuurtje weet ik meestal niets te vinden. Ik heb het zo goed opgeborgen dat het eerder toeval dan wijsheid is als ik iets terug vind. En nu op mijn 61ste voel ik nog steeds niet de behoefte om datgene wat ik vind weg te gooien. Sterker nog het komt me van pas. De geuren, de gedachtes, de geluiden, ze maken dat ik me mens voel. Soms deel ik het met een ander maar vaker adem ik het alleen maar even in. Deze kostbare weggestopte herinneringen die zomaar als een cadeautje langs komen om me warm, verdrietig, blij te maken.

Eerst vastpakken dus en dan weer loslaten. Mocht je nog een schroefje zoeken, of een plankje, een stukje ijzer, of een stukje mens-zijn. Je bent welkom om te komen zoeken en vinden en dan weer loslaten.

  Pijn is onvermijdelijk, lijden is optioneel!       Eckhart Tolle